Indaver en Sleco blijven inzetten op de strijd tegen stoorstoffen

Vuurwerk is feest, maar op haar vestigingen ziet Indaver de vuurpijlen liever niet. Toch belanden vuurwerk en andere stoorstoffen nog regelmatig in het afval dat Indaver verwerkt. Op site Doel deden Indaver en Sleco al heel wat campagnes om dit te voorkomen. Ook in 2016 zetten we de strijd tegen stoorstoffen verder. Op die manier willen we ongewenste situaties of ongeplande stilstanden van de installaties maximaal vermijden.

Stoorstoffen veroorzaken problemen voor installaties en medewerkers

Stoorstoffen zijn materialen die niet thuishoren in het afval dat Indaver en Sleco verwerken in de verbrandingsinstallaties in Doel. De stoffen zitten in vast afval en slib die er worden aangeleverd. Stoorstoffen in vast afval zijn bijvoorbeeld houders onder druk zoals butaan- en propaanflessen of blustoestellen, maar ook vuurwerk, kabels en zelfs wit- en bruingoed. Indien dergelijke stoorstoffen in de installaties terecht komen, kunnen zij tot ongewenste situaties leiden. 


Voor een vlotte verwerking van het aangeleverde slib is het essentieel dat dit niet verontreinigd is met enige andere afvalstof. Deze stoorstoffen in het slib blokken immers op in de pompen en leiden op die manier tot operationele problemen met productieverlies en onveilige situaties voor de medewerker als gevolg. Daarom is het essentieel dat het slib bij de klant zorgvuldig gestockeerd wordt en op een zuivere manier getransporteerd wordt.

Dagelijks afval uitkammen

Op site Doel nemen we al heel wat maatregelen om stoorstoffen te weren uit het afval. Onze eigen mensen zijn zeer goed op de hoogte van de acceptatiecriteria van het afval. De stortvloerverantwoordelijken krijgen extra opleiding om gevaarlijke stoffen nog sneller te herkennen. Panelen met afbeeldingen en informatie helpen chauffeurs die het afval aanleveren om stoorstoffen te identificeren. We voeren ook regelmatig steekproefcontroles uit op het aangeleverde afval. Op installatieniveau zijn er ook verbeteringen aangebracht. De vaste afvalstoffen voor de wervelbedoven gaan eerst naar een voorbehandelingsinstallatie, waar ze, verkleind en ontijzerd worden, vooraleer ze naar de afvalbunker gaan. In de shredder zijn er uitgebreide branddetectie en -blusvoorzieningen. 


Ondanks al deze maatregelen, glippen er toch soms nog stoorstoffen door de mazen van het net. Daarom trekken we ook voluit de kaart van informeren en sensibiliseren.

Sensibiliseren van chauffeurs en klanten

We moeten chauffeurs en klanten blijven sensibiliseren als we minder stoorstoffen in het afval willen vinden. In juni 2015 lanceerden we een gerichte sensibilisatiecampagne over stoorstoffen in slib. De chauffeurs die slib en filterkoeken leveren, kregen een flyer met duidelijke informatie over wat kan en wat niet kan en over de impact van stoorstoffen op mens en productie. 


Via een mailing en via directe contacten informeerde de commerciële dienst klanten en transportbedrijven nogmaals over de acceptatiecriteria. In de nabije toekomst worden de klanten ook uitgenodigd op de vestiging voor een informatiesessie over de gevolgen van stoorstoffen in afval en hoe ze dit kunnen voorkomen.. Het aantal interventies voor stoorstoffen piekte in het voorjaar van 2015, maar na deze gerichte sensibilisatieactie hebben we deze trend kunnen ombuigen tot een 4-tal interventies per maand.

Boodschap na elk incident

Indaver en Sleco zijn in 2015 ook begonnen met het uitsturen van kwaliteitsinformatie (quality tweet) na elk incident. Dit zijn korte en bondige boodschappen die we zowel intern als extern verspreiden. Ze beschrijven welke stoorstof gevonden is in het afval, welke risico’s dit zou kunnen inhouden voor het personeel en voor de installatie, welke maatregelen er in het verleden genomen werden, en hoe de klant of de transportfirma kan meewerken aan een oplossing. 

De gecombineerde aanpak van informeren en sensibiliseren werpt zijn vruchten af, we zetten die daarom voort, om zo halt te roepen aan stoorstoffen.

Share this page